Een genest segment bouwen
Wanneer je een nieuw segment aanmaakt, vraagt Flexmail of je van nul wilt beginnen of voortbouwen op een bestaand segment. Kiezen voor voortbouwen op een bestaand segment maakt een genest segment aan: een subsegment dat alle voorwaarden van zijn bovenliggend segment overerft en er nieuwe aan toevoegt.
Nesten is optioneel, maar het wordt heel nuttig naarmate je segmentbibliotheek groeit. Het houdt je structuur overzichtelijk, vermijdt het herhalen van voorwaarden en maakt de relatie tussen doelgroepen zichtbaar.
Voor je begint
- Je hebt minstens één bestaand segment nodig als bovenliggend segment voor je een genest segment kunt aanmaken.
- Elk segment op elk nestniveau kan maximaal vijf eigen voorwaarden bevatten.
- Nesten wordt ondersteund tot vijf niveaus diep.
- Het verwijderen van een bovenliggend segment verwijdert ook de nestrelatie voor alle subsegmenten ervan.
Nieuw segment vs. genest segment
Geneste segmenten nemen de eigenschappen over van een bestaand segment. Zo kun je een bestaande doelgroep opsplitsen zonder de voorwaarden te hoeven herhalen. Met een nieuw segment maak je een volledig nieuwe doelgroep aan.
| Nieuw segment | Genest segment |
|---|---|
| Begint vanuit je volledige contactendatabase | Begint vanuit de contacten die al in een bestaand segment zitten |
| Je definieert alle voorwaarden zelf | Erft alle voorwaarden van het bovenliggend segment |
| Maakt een volledig onafhankelijke doelgroep aan | Maakt een subgroep aan binnen een bestaande doelgroep |
Waarom geneste segmenten gebruiken?
Vermijd het herhalen van voorwaarden
Als je een segment "Klanten NL" hebt en dit wilt opsplitsen in productgroepen, hoef je de voorwaarde voor de Nederlandse taal niet aan elk productgroepsegment toe te voegen. Door te nesten onder "Klanten NL" erven ze die voorwaarde automatisch.
Maak de structuur zichtbaar
Geneste segmenten tonen de relatie tussen doelgroepen duidelijk, zowel voor jou als voor je collega's. Je ziet in één oogopslag dat "Klanten NL, Productgroep A" een subset is van "Klanten NL".
Stuur naar verschillende niveaus van specificiteit
Met een geneste structuur op zijn plek kun je per campagne kiezen of je naar het brede bovenliggende segment of naar een specifiek subsegment wilt sturen. Dezelfde contactendatabase bedient meerdere use cases zonder dat je iets hoeft te dupliceren.
Een genest segment opbouwen
- Ga naar Contacten, dan Segmenten.
- Klik op Segment toevoegen.
- Geef het segment een duidelijke naam die zowel het bovenliggend segment als de subgroep weerspiegelt, bijvoorbeeld "Klanten NL, Productgroep A".
- Kies wanneer gevraagd voor "Segmenten nesten (Subsegment aanmaken)" en selecteer het bovenliggend segment.
- Voeg de aanvullende voorwaarden toe die de selectie van het bovenliggend segment verder zullen verfijnen.
- Klik op Opslaan.

Een praktisch voorbeeld
Een speelgoedwinkel begint met een breed klantsegment:
- Klanten NL: voorwaarde: taal is gelijk aan "Nederlands" EN contacttype is gelijk aan "Klant"
Onder dit bovenliggend segment maken ze geneste segmenten aan voor specifieke use cases:
- Klanten NL, Eerste aankoop: voorwaarde: eigen veld "Totaal bestellingen" is gelijk aan 0
- Klanten NL, Trouwe klanten: voorwaarde: eigen veld "Totaal bestellingen" is groter dan 5
Elk van deze erft automatisch de voorwaarden voor de Nederlandse taal en het klanttype. Er worden alleen nieuwe voorwaarden toegevoegd voor wat elke subgroep uniek maakt.

Support tip Werk altijd van breed naar specifiek wanneer je een geneste structuur opbouwt. Begin met de grootste gemene deler - vaak taal of contacttype - en werk stap voor stap naar specifiekere criteria. Zo blijft je structuur logisch en gemakkelijk te onderhouden.
Nestlimieten
Flexmail ondersteunt nesten tot vijf niveaus diep. Elk segment, op elk niveau, kan maximaal vijf eigen voorwaarden bevatten. In de praktijk werken de meeste opstellingen goed binnen twee of drie niveaus.
Veelgemaakte fouten om te vermijden
Het subsegment opbouwen voor het bovenliggend segment stabiel is
Als je een segment nest onder een bovenliggend segment dat je later ingrijpend wijzigt, erft het subsegment de nieuwe voorwaarden — wat mogelijk niet je bedoeling was. Zorg dat je bovenliggende segmenten eerst goed in orde zijn voor je subsegmenten eronder bouwt.
Subsegmenten benoemen zonder verwijzing naar het bovenliggend segment
Een subsegment met de naam "Eerste aankoop" betekent niets zonder te weten wat het bovenliggend segment is. Neem altijd de context van het bovenliggend segment op in de naam van het subsegment, zoals "Klanten NL, Eerste aankoop". Dit is bijzonder belangrijk in gedeelde accounts waar collega's de structuur misschien niet kennen.
Een bovenliggend segment verwijderen terwijl er nog subsegmenten bestaan
Het verwijderen van een bovenliggend segment verwijdert ook alle subsegmenten ervan. Controleer voor je een bovenliggend segment verwijdert of subsegmenten bewaard moeten worden. Ga zo ja na of je het segment één niveau hoger opnieuw kunt opbouwen met alle nodige voorwaarden.
Te diep nesten terwijl twee niveaus voldoende zijn
Vijf niveaus diep nesten is mogelijk, maar creëert een complexiteit die moeilijk te onderhouden is. De meeste use cases zijn goed bediend met twee of drie niveaus. Als je merkt dat je dieper gaat, overweeg dan of een plat segment met meer voorwaarden of een andere structuur duidelijker zou zijn.